In 1918 vestigde Wiersma zich in Drachten, waar hij een productieve periode doormaakte met veel werk in opdracht. Hij woonde met zijn gezin in de Papegaaienbuurt, toen de woningen daar in 1921 werden opgeleverd. In deze periode werkte hij regelmatig samen met Thijs Rinsema.
Beide kunstenaars tekenden naar de natuur, met landschappen en portretten als onderwerp. Na de kennismaking van Thijs met Theo van Doesburg en Kurt Schwitters groeide hun werk echter uit elkaar. Waar Thijs zich richtte op abstractie en vernieuwing, bleef Wiersma trouw aan de zichtbare werkelijkheid. De verbondenheid tussen beide kunstenaars zie je terug in de portretten die zij van elkaar en hun echtgenotes maakten.